De Duitse Herder

Algemeen voorkomen

De Duitse herdershond is voor de meeste mensen het toonbeeld van de ideale hond: groot, sterk, intelligent, betrouwbaar en trouw. In dit ras is de erfenis van de oerhond, de wolf, nog het best te zien. De kleur, de vorm van het lichaam plus kop en de totale verschijning van dit ras tonen het duidelijk. Door de eeuwen heen was de Duitse herder als veehoeder en beschermer een onontbeerlijk helper en begeleider. Al vroeg hebben zich in dit ras de bijzondere eigenschappen van de herdershond ontwikkeld. Pas sinds de vorige eeuw is men in Duitsland begonnen met het creëren van grotere gelijkheid onder de verschillende soorten veehoeders en schapenhonden.

In 1899 werd een standaard voor de raskenmerken vastgesteld en stichtte men 'der Verein für Deutsche Schaferhunde'. Sedertdien is de Duitse herder steeds meer uitgegroeid tot het kwaliteitskenmerk van de Duitse gebruikshondenfokkerij. Hij wordt terecht beschouwd als een van de beste politie- en hulphond-  ter wereld. Alle hem opgedragen taken vervult hij met grote ijver en gründlichkeit.

In de loop der tijd zijn twee lijnen ontstaan binnen het ras: de oorspronkelijke werklijn en de kynologische lijn, ook wel schoonheidslijn genoemd.

Een Duitse Herder opvoeden

De Duitse herder wordt vaak gebruikt als blindengeleidehond, speurhond, waakhond en politiehond. Omdat de Duitse herders zo leergierig en gehoorzaam zijn, zijn ze ook voor de trainer tijdens de training een plezier om mee te werken. De Duitse herder kan, mits hij goed gesocialiseerd is, prima overweg met soortgenoten, andere dieren en kinderen. Hij is trouw en vertoont geen neiging tot weglopen.

Uiterlijk van de Duitse Herdershond

Een Duitse Herder moet uiterlijk aan een pak voorwaarden voldoen om aan de rassenstandaard te beantwoorden. Pas dan zal een kynologische keurmeester de hond goedkeuren voor de fok.

Reu: 60-65 cm / 35-40 Kg

Teef: 55-60 cm / 30-35 kg

Er bestaan zowel zwart-bruine, wolfsgrauwe als compleet zwarte Duitse herders.  Sinds een aantal jaren worden ook langharige Duitse herders erkend.

Aard

De Duitse herdershond moet in zijn karakterbeeld evenwichtig, zenuwvast, zelfverzekerd, absoluut onbevangen en (zonder prikkeltoestand) volkomen goedaardig zijn. Daarbij is hij opmerkzaam en handelbaar. Hij moet moed, strijddrift en hardheid bezitten om als geleide-, waak-, verdedigings-, dienst-, en herdershond geschikt te zijn. Hij kan echter wel dominant overkomen, daarom moet hij goed getraind worden. De hond is erg trouw aan zijn baas.

De Duitse herder en beweging

De Duitse herdershond heeft veel beweging nodig. Hij moet zich dagelijks minstens twee uur goed kunnen uitleven. Die beweging vindt hij, behalve tijdens zijn opleiding, door met zijn baasje te spelen of te gaan wandelen. Als de Duitse herder voldoende uitgelaten wordt, kan hij prima in een stadswoning worden gehouden, vooral ook omdat hij heel rustig is en niet onnodig blaft. Het is echter beter als hij in een huis met een tuin kan leven, wat overigens niet wil zeggen dat u dan minder met hem bezig dient te zijn.